Ik heb twee kinderen van 6 jaar, een jongen en een meisje. Ik ben niet zo’n papa die altijd precies weet hoe hij de opvoeding moet aanpakken. Het kost me soms moeite en het vraagt veel aandacht. Ik vraag me vaak af of ik het wel goed doe. Sterker nog, ik weet dat ik het vaak helemaal niet zo goed doe. Maar ik vind het wel een uitdaging om te leren hoe ik het steeds beter kan doen.
Toen mijn zoontje ongeveer 4 jaar was, werd langzaam duidelijk dat hij enorm onzeker was voor alles wat nieuw was. Zo onzeker dat hij liever voor de eer bedankte dan iets nieuws uit te proberen. Hij was bang om naar Judo te gaan, school was moeilijk en spannend, hij meed activiteiten met andere kinderen als het niet precies duidelijk was wat er ging gebeuren. Zijn tweelingzusje daarentegen, is een echte adrealinejunk en het feit dat zij alles durfde en hij niets deed hem natuurlijk ook geen goed. Hij miste daardoor veel leuke dingen en als bezorgde ouder wilde ik hem natuurlijk helpen om zijn angsten te overwinnen.
Ik begon te doen wat veel ouders waarschijnlijk doen, ik probeerde hem in elke spannende situatie te overtuigen dat het niet eng was, dat hij het leuk zou vinden en dat hij niet bang hoefde te zijn. Ik kwam met voorbeelden wat hij allemaal wel en kon, hield zijn hand vast, praatte hem moed in, het hielp geen zier. Hij bleef bang. Af en toe wist ik hem met zachte dwang over te halen, maar de volgende keer was hij terug bij af en was het altijd weer opnieuw eng. Hoe vaak heb ik niet met hem aan de kant bij Judo gezeten terwijl zijn zus lekker bezig was, met frustratie voor hem en mij als gevolg.
In die periode volgde ik mijn NLP opleiding en een van de dingen die ik daar leerde is dat het weinig zin heeft om iemand iets te leren als hij daar niet voor open staat. Je moet aansluiting hebben in de belevingswereld van de ander, willen je goedbedoelde adviezen gehoord worden. Met andere woorden, ik kan wel zeggen dat iets niet eng is, maar daar zeg ik eigenlijk mee, “ik vind het niet eng”. Mijn zoontje vond het wel eng en het feit dat ik iets anders beweerde deed daar niets aan af. Alles wat ik zei ging het ene oor in en het andere direct weer uit. Ik moest dus op zoek naar zijn beleving en ik zou die van mij los moeten laten. Ik ben hiermee begonnen door zijn angsten te bevestigen. Dus als hij zij, “Papa ik durf niet” en ik vroeg “waarom niet?”, waarop hij antwoordde “ik vind het spannend”, dan zei ik “ja, dat klopt. Het is ook spannend. Vreselijk spannend!”. Het is even wennen om dat te doen, maar het is niet echt moeilijk, gewoon een kwestie van volhouden. Na een tijdje merkte ik dat hij steeds beter kon vertellen waarom hij het spannend vond.
Ik kwam er zo langzaam achter dat hij bang was om het niet goed te doen. Hij houdt niet zo van leren, maar hij vindt het wel leuk om iets te kunnen. Dan wil hij het ook gelijk helemaal goed doen. Hij snapte niet echt dat hij iets kon leren. In zijn belevingswereld kan je iets, of je kan iets niet. Het idee dat je iets eerst heel vaak fout moet doen, voor je het goed kan, was bij hem gewoon niet standaard meegeleverd. Dit in tegenstelling tot zijn zus, die geen idee heeft of ze iets goed of minder goed doet, maar alles wel erg leuk vind. Nu is dat is leuk om te weten, maar ik merkte dat deze wetenschap me nog niet echt verder hielp. Want nog steeds kon ik hem niet uitleggen dat hij gewoon eerst fouten moest maken en dat hij het dan zou leren. Ook dat ging het ene oor in en het andere oor uit en hielp hem dus geen stap verder.
Ik had het geluk dat ik in die periode in eenzelfde soort situatie terecht kwam. Tijdens een workshop had ik het twijfelachtige genoegen de kans te krijgen voor een vuurloop. Nu ben ik gek op nieuwe dingen, maar bij fysiek gevaar ben ik niet zo’n held. En met blote voeten over gloeiende kolen kan best nare brandwonden opleveren. Na een paar uur mentale voorbereiding werden we in de gelegenheid gesteld om over hete kolen te lopen. Je moest ‘het vuur vragen’ of je erover mocht, met de toevoeging dat als je heel bang was, je er voor kon kiezen om niet te gaan of met je angst te gaan. En dat woordje “angst” deed me gelijk aan mijn zoontje denken. Ik vond het doodeng, maar realiseerde me ook dat wanneer ik mijn zoon iets wilde leren over het overwinnen van angsten, ik er misschien zelf ook aan moest geloven. Ik ben dus toch maar over de hete kolen gelopen, ik had geen brandwonden en ik voelde me inderdaad wel stoer daarna. De echte winst kwam echter een poosje later pas.
Ik heb dit verhaal natuurlijk aan mijn zoontje verteld. Vooral het woordje “vuur” maakte veel indruk. Zijn voorstelling was ongetwijfeld veel spannender dan de werkelijkheid. Maar ik heb ook verteld dat ik heel bang was en dat ik het toch heb gedaan. En alleen door dat te vertellen is er iets veranderd voor hem. Hij heeft geleerd dat papa ook wel eens bang is. Hij heeft geleerd dat je iets toch kan doen, ook al is het doodeng. En omdat het een visueel ingesteld jongetje is, heeft hij een prachtig en levendig beeld van zijn vader die door het vuur loopt. Hij was er zelf niet bij, maar hij gaat het nooit meer vergeten. Ik heb hier gedurende een week of twee, iedere avond voor hij ging slapen met hem over gepraat. En ik heb steeds verteld dat hij misschien niet alles kan, maar dat wel alles kan leren. Hij weet dat nu. Hij is nu 6 jaar en nog steeds is hij regelmatig bang voor nieuwe dingen. Hij is dat misschien wel de rest van zijn leven. Maar hij laat zich niet meer door zijn angst tegenhouden. Hij weet dat hij alles kan, ook al is hij bang. Soms heeft hij nog een zetje nodig, bijvoorbeeld door hem nog even aan het beeld van zijn papa te herinneren, maar dat zijn maar kleine zetjes.
Wat heb ik hier van geleerd? Ik heb geleerd om heel goed te luisteren om er zo precies achter te komen wat de ander denkt, voelt, hoort en ziet. Ik heb geleerd om me volledig te verplaatsen in de belevingswereld van de ander, niet door hetzelfte te doen, maar door iets anders te doen wat wel hetzelfde bij mij oproept. En ik heb geleerd dat het dan ineens niet meer zo moeilijk is om iemand een stap verder te helpen. Vrij makkelijk eigenlijk. En snel. Het is eigenlijk meer een kwestie van doen dan van weten. Pas toen ik de wereld ging zien door de ogen van mijn zoon, vond ik een manier om hem verder te helpen.
Ik weet niet of dit verhaal onder de categorie lifehacking valt. Het bevat geen duidelijke tips of een heldere werkwijze, maar misschien biedt het wat aanknopingspunten voor mensen die hun kinderen, of iemand anders, een stap verder willen helpen. Het heeft mijn zoontje geholpen om een sterker en vrolijker mens te worden en daarom staat het voor mij in de top 3 van bereikte doelen die er toe doen.


